166
houdende hoogere eischen te stellen aan algemeene ontwikkeling en beschaving van het lagere politiepersoneel.
6e. De kantonrechter worde voortaan bijgestaan door drie gehonoreerde stemhebbende rechters, gekozen uit niet-juristen van den beschaafden stand (onderwijzers, journalisten, schrijvers, kooplieden, eigenaars van fatsoenlijke café’s, handelsagenten, doktoren, geestelijken) en veroordeeling van vrouwen alléén door kantongerechten, waarvan minstens twee der leden van de vierschaar gehuwde vrouwen uit den beschaafden stand zijn.
7e. Onmiddellijke afschaffing van het twee etmalen water en brood-regime, een noodelooze en nuttelooze lijfstraf.
8e. Benoeming van permanente commissies van controle van alle gevangenissen en gestichten, welker leden hebben te bestaan uit publicisten, die blijk hebben gegeven van belangstelling in sociale misstanden.
9e. Voorwaardelijke veroordeeling tot boete.
10e. Het recht van gratie worde door H. M. de Koningin veelvuldiger toegepast dan tot heden, in ’t bijzonder op alle nationale feest- en gedenkdagen en verjaardagen van leden van het Koninklijk Huis.
11e. Invoering van een critische behandeling van de rechtzaken in de pers, waardoor de publieke tribune niet meer zal kunnen blijven, zooals thans, een wassen neus, en een opleiding voor met misdadige neigingen behepten.
Ten slotte breng ik een woord van dank en erkentelijkheid aan de hoofdredactie van „De Telegraaf”, die mij gelegenheid heeft gegeven, naar vrijen, echt-Neder-landschen aard mijn ervaringen en meenigen weer te geven. Voor de derde maal in mijn leven heeft dit blad mij in de gelegenheid gesteld, over sociale misstanden