55
„En als 't weer slechten oogst is, dan kunnen Wotan en Nerthus en Frya en al dyn nieuwerwetsche góden my d&t doen... en ik ga naar den zwarten steen aan de grens en ik offer er een vaars op...”
En mokkend nadenkend, bleef de oude boer verbitterd op Wotan en Nerthus, in ’t vuur staren.