132
zich verdronken, omdat de bruigom laf was geweest of gevallen was.
Harimona had op een nachtelyke wandeling eenmaal het lijk van zoo 'n jonkvrouw naar den oever van den stroom zien aanspoelen en toen zij vernam, dat er geen dag voorbijging waarop niet doodslag en zelfmoord plaats vonden in de kampen, wilde zij door Maresag doen zeggen, dat wie niet in vrede leefde, door haar zou verbannen worden. Maresag had echter doen weten, dat Harimona boete stelde op alle gewelddadigheid en nauwkeurig de boeten bepaald voor doodslag, verminking of zelfmoord en zoo bleven de gewelddadigheden en zelfmoorden voortduren, tot vreugde van Maresag, die ziekelijk gierig en begeerig, de boeten ontving.
Aan 't eind der ‘ beukenlaan liep de weg op naar den heuvel van de heilige haag. Te halver hoogte was een zwaren steen gewenteld, welke als offerblok zou dienen. Aan de beide zijden waren steenen haarden gebouwd en kringen van brandspitten, om de offerdieren toe te bereiden. En hooger op den heuvel, onder een baldakijn van blank lijnwaad met roode borduursels in den vorm van sparre-takken, was een groote, breede granieten zetel opgericht, met een hooge leuning.- Rondom den zetel lagen blauwe zelindebloemen en paarsche boschviooltjes. Verder terzij, onder doeken van wit lijnwaad met roode strepen versierd, stond de heilige wagen, die door veertien witte koeien getrokken, een rondgang zou doen door de kampen. Harimona zou op den wagen staan en zich aan het volk vertoonen. Dan zou de wagen na den rondgang rijden tot aan den stroom en hier zouden de koeien worden afgespannen om geslacht en gebraden te worden. Maar de wagen zelf zou in den stroom worden gereden en er gingen geruchten, dat Harimona het groote offer zou doen brengen uit de vroegere tyden van waar en vroom geloof, toen de voorvaderen aan Tius menschen offerden en daarvoor beloond