258
BEATA
O foei, u bent vandaag al heel ondeugend,
UMBERTO
Daar heeft u drie bewijzen voor mijn stelling. Achtste Tooneel. Vorigen, Lavinia, Pia, Eleonore. LAVINIA (Tot Pia)
Nu fladdert hij weer om de hertogin ....
PIA (Tot Eleonore)
Straks in den tuin ging ’t om een kamermeisje. ELEONORE
Hij schijnt alleen verliefd op domme vrouwen.
LAVINIA
De hertogin kan zelfs geen briefje schrijven.
ELEONORE
Zij kent niet eens het boek van Demipho.
LAVINIA
Zij dacht, dat Regio met beeldjes ventte.. .
UMBERTO
Die hebben nu al samen meer bekonkeld,
Dan tien bedaagde dames op ’t salet,
Signora, dag signora, dag signora,
Suo servo divotissime, mag