231
Dat is een bij de handje en zij zal,
Heur fraaie rol, 'k beloof het, prachtig spelen,
Nu jij, mijn snoesje, heb je zin in ’t spel?
BOZZI
Je wordt tot hertogin bevorderd meid,
En krijgt de kleeren van des hertogs dochter,
Zoo reis je met gevolg naar ’t schoon Modena, Gedraagt je als een echte hertogin,
Beata heet je, dochter van Lorenzo,
Als gijzelaarster uitgestuurd opdat,
Een wapenstilstand mooglijk wordt gemaakt,
Tot ’t arbitrage-hof den strijd beslecht.
ALFONSO
(Hij is onderwijl teruggekomen met een kan wijn en heeft kroezen vol geschonken, waarvan Bozzi en Lorenzo al hebben gedronken).
Een woordje heeren, Fonsje is er ook nog,
En met respect voor ’t arbitrage-hof,
Dat zaakje kan, dunkt mij, nog heel lang duren,
En wie troost mij dan al dien langen tijd,
Mijn kind ver weg, mijn kind van ’t hart gescheurd, Mijn eenigst pand, mijn hechtste huwlijksband,
Mijn kind, waarvoor deez’ handen jaren werkten, Waarvoor mij bloed en zweet te weinig waren,
Dat overleef ik niet, heer, stuur mij mee,
Of morgen telt dit land een man te meer,
Die in het glas zijn leed zoekt te verdrinken ...
SOPHRONA
Hoor nou zoo’n baliekluiver staan te jamm’ren,