Kalverstraat

Titel
Kalverstraat

Jaar
1905

Pagina's
368



log

«Omdat het anders is, alsof er iets in je gezicht gebluscht wordt. . . Laat ik er nu eens goed in zien ... Zij zijn groen, met bruingouden stralen van de zwarte pupil uit...»

< Kattenoogen hè ?»

«Neen . . . oogen van zeekleur . . . maar mooier dan de zee ... zie je, die zee daar is wel bewogen, maar door de dingen van buiten . . . eigenlijk maar een dood ding opzichzelf. . . maar jou oogen. die zijn levend, door iets dat er uitstraalt van binnen uit, een gestadig doorlichten van de ziel ... de ziel, dat is het groote mysterie . . . het onbekende voor ons, de schat, die wij zelf omvatten en bezitten en die toch ons eigendom niet is ...»

«Nou . . . en jou oogen . . . jou oogen . . . die zijn zoo bedroefd i altijd als ik ze zie, wil ik wel gaan huilen . . . daar is iets anders in dan in de oogen van andere menschen . . .

Hij keek haar rustig en toch ontzaggelijk smartelijk aan.

«Dat heb ik van moederszijde . . . mijn moeder was een Jodin ... In mijn oogen weent een ziel, die tweeduizend jaren gedragen en geduld heeft... Ik ben niet bedroefd dat ik een Jood ben Treesje . . . het is mooi tot het volk te behooren, dat het meest van alle volken ter wereld geleden heeft ...»

«Ja . . . het moet een mooi geloof zijn ... als ’t jou geloof is . . . Ik zal lodin worden ...»

«Neen, een gelóóf is het niet. . . 't is een ras. . . en dat ras krijg je niet door geloof maar door geboorte . . . Maar jij behoeft geen lodin te worden . . . ten minste niet om mij . . . ik zelf ben zoo weinig Jood, zoo weinig wat anderen onder Jood-zijn verstaan . . . leef maar voor mij en mèt mij en heb mij lief. Kn ik zal mèt jou leven en jou liefhebben . . . Dat is óók geloof. . . als je dan bepaald geloof noodig hebt ... En dan heb ik nog een ander geloof. . . Dat is mijn kunst . . . Ik zal je mijn schilderijen laten zien ... al mijn schilderijen . . . En die moet je óók liefhebben . . . die moet je héél liefhebben . . . want ze hebben mij in t leven gehouden . . . Zonder die schilderijen was ik allang dood geweest . . . had ik mijzelf doodgemaakt . . .

Hij voelde, dat zij naast hem rilde.

« Kom en nu naar huis terug . . . Het is al laat... al wel half drie . . . Je ouders zullen ongerusc zijn ... Wat zal je hun zeggen ...

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.