Een droomer ter haringvangst

Titel
Een droomer ter haringvangst

Jaar
1894

Pagina's
276



266

De schipper, met een fantasie-hoedje op, een helder keezjak aan, geschoren, kwam Herman tegemoet.

„Moet u nu mijn huis niet eens zien? En mijn kinderen en mijn medailles en de diploma’s?”

Herman ging mede naar een klein straatje met nieuwe huisjes, die een vroolijk uitzicht hadden op een boomgaard.

De schipper deed de deur open — in de gang zat een kleine jongen, wellicht drie jaar oud, op een houten hobbelpaard.

„Dag va, dag va. . .” riep het kind, zijn handje uitstekend.

De schipper tilde den jongen op en dan trotsch tot Herman:

„Die kleine bl. . . . m is zoo verstandig als een groot mensch. Hij had me nou toch in geen zes weken gezien. Gisteren avond kom ik thuis en zoo ziet hij mij of hij roept „Dag va!” Je mot er hard voor werken, maar als je dan weer je vrouw en je kinderen ziet, dan weet je toch ook waarvoor je ’t doet, Cheffie.”

In ’t kleine voorkamertje zaten ze bij elkaar en dronken een kop koffie uit goudgerande kopjes.

„’k Zou je wel een glaasje aanpresenteeren, maar drank komt er nooit bij mij in huis. Dat doe ik voor mijn kinderen, die zullen nooit zeggen, dat ze van d’r vader het drinken hebben geleerd. Op ’t schip lust ik wel een oorlam — maar aan den wal ben ik thuis afschaffer.”

Hij ging naar een bruin mahoniehouten kastje. En heel voorzichtig haalde hij er een peluche kistje af met een glazen raam er voor. Daarin hingen drie zilveren medailles ten toon. Hij nam ze er uit. Her-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.