Een droomer ter haringvangst

Titel
Een droomer ter haringvangst

Jaar
1894

Pagina's
276



261

„Kijk nou eens naar ’t water, dan zal je eens zien waar ’t zoet water begint.”

Herman zag plotseling een afscheiding tussclien het heldere lichtgroen van ’t zeewater en het donkere, grijsgore van het rivierwater. Nog kort en hij zag duidelijk het land oprijzen uit den teerbleeken, blauwen einder. Dat was het land, het land; daar was de monding van den Nieuwen Waterweg. Hij hoorde niet meer naar de visschers — die spraken over de vangst, de vrouwen, de kinderen.

Het land, het land — het was hem of hij ’t leven weerkrijgen zou ; en hij zag de groene dijken gloren en de huisjes aan den Hoek van Holland, die hij uu niet meer leelijk en grauw, maar vriendelijk vond.

Tegen den dijk graasden een paar koeien, die even loom den kop hieven ; over den dijk rechts wagentjes met paarden, als speeltuig.

Een boer uit ’t Overmaassche, in een kleine jol met tonnetjes en groenten beladen, klampte zich met een haakje vast aan de Jeannette en liet zich zoo meetrekken.

„Is 't nog aan hoord, schipper ?”

„Wie ?”

„Het lijk”, zei hij op ’t vlaggetje duidend, dat halfstok aan de lijn hing.

Herman merkte het nu eerst op ; de schipper had het stilletjes geheschen, tegelijk met het zoutvlaggetje.

Ze voeren verder. Herman zag weer den stomp van den Brielschen toren — en toen als Vlaardingen oprees, met de vele spitsen der masten van de schepen in de haven, tikte de schipper hem op den schouder.

„Ze wachten je op den wal, Gheffie ; daar staan

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.