Een droomer ter haringvangst

Titel
Een droomer ter haringvangst

Jaar
1894

Pagina's
276



130

deze langs stuurboord, langs twee staande rollende rondhouten schurend in zee ging. De drie in de kribben bonden de net-seizings aan de reep — ’t welk alles met een bepaald soort knoop werd gedaan. Herman, naast den schipper staande, boorde alleen het zachte scharnieren van de rollen waarlangs de reep liep; de koksrol, dik in ’t vet aan de assen, rolde geluidloos. Het werk ging geregeld; het scheen niet zwaar. Over de verschansing kijkend, zag Herman een heel eind ver in zee, achter het roer, het eerste joon waarop het vlaggetje wapperde.

„Die netten zijn lang, schipper.”

„Ja, Cheffie, wij voeren negentig netten en elk net is honderd voet lang. Straks is dat vlaggetje negenduizend voet van ons schip verwijderd —■ dat is een heel eind, jij zult het dan niet meer kunnen zien.”

De stuurman bond een breel, die geheel wit was geschilderd, aan de reep.

„Dat noemen we een „pol”, Chefhe. De reep is in verschillende gedeelten verdeeld, ze is „gemuisd” zeggen wij schippers, dan kan je zien hoeveel netten er in zee staan en hoeveel je er bij ’t halen al aan boord hebt. Een zesde deelt telt een kwartier.

„Eerste kwartier,

Geef do seizings hier”

zong Maarten.

Het werk ging weer stil voort; de zon in de verte stond reeds laag in een ros wolkenberglandschap. Herman ging op de kajuitskap. Hij bleef naar den arbeid zien; hij hoorde telkens de plons van de hreels, die in het water geworpen waren. Dat ging zoo anderhalf uur voort.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.