124
een stuk talk. Aai liep niet liet lood naar voren, tot daar waar de sloep aan bakboord lag.
„Los je loodje”, riep de schipper de lijn vierend. Na een oogenblik baalden Jan en Maarten de lijn uit zee op en de schipper, bet touw tusschen de uitge-strekte armen vierend, gelijk kleermakers wel laken uitmeten, telde tot achttien . . .
„Achttien vaam”, riep hij. Daarna keek bij naar liet talk onderaan; daaraan was iets van den zeegrond blijven kleven — een donker lijn zand. l) De schipper, Herman leuk aanziende, bracht een beetje van het zand in zijn mond.
„Weet je wat ik doe, Chefiie? Nou proef ik den grond, en aan de lijnheid van liet zand, kan ik weten waar we zijn. We varen nou bóven bet Zand, dat is een deel van de Visschers-oi'Doggersbank. Daar varen we altijd in October boven. De haring zwemt ’s zomers hoe langer hoe meer naar ’t Zuiden. Nou heeft de bank verschillende kleuren van grond; in ’t modderkanaal, oostelijk is-ie zwart, in ’t Westen heb je het zilver-diep, daar is de grond van lichtgeel zand. Je kunt
1) „In ’t botkin van .Juni — zegt do heer A. iioogondijk Jz. in het breedvoerig werk: „De (frootvisscherij op do Noordzee”, (Haarlem, II H. Tjeenk Willonk, 1893) nam in de laatste jaren do eigenlijke haringvaart een aanvang op 3U° 00’’ — OU" N. B. on van 1" O. L. — 1 W. L. In Juli wordt op 58" N. B. on ongeveer dezelfde lengte govischt. In de e»*rst« dagen van Augustusvischt men op 50° N. B. en 1" O. L. — 2° W. L. Voornamelijk vangt men dan volle haring, moer westelijk ook kuitzieken.
De vissehor begeoft zich steeds zuidelijker : einde September bO" en 54° N". B. en 10 \V. L. Onder do Engelsclie kust vangt men dan nagenoeg uitsluitend volle en ijle, in ’t zoogenaamde „Steile" mooie, volle, vaste haring en op de Doggersbank hom- en kuitzieke haring. Half Oetobor 54" N — 539 N. B.enl* — 4" O. L. (de Wellen) voel hom en kuitzieke ook wei ijle haring, llalf November tusschen 53° en 5*2" 20" N. B. en 2" tot 4" O. L.
Gedurende liet tijdperk van half October tot half November zijn er enkele visschers, die weder naar liet Zand gaan op 50" N, B.”