zal men dit ooit weer aan de zee kunnen ontrukken? Het prachtige stadhuis van Middelburg; de Duitser noemt zich een “Kulturmensch”. Er is nog nooit zoveel verwoest en vernield als in deze barbaarse oorlog. Het ene oude stadje na het andere gaat in rook en puin op.
Wij wachten. De Amsterdamse of liever gezegd, de hele Nederlandse bevolking, wacht in het donker, gelaten af hoe lang het nog zal duren. Veertien dagen zitten ze hier nu al in het donker en woensdag a.s. dan houdt het gas op. Wij hebben hier nog geen kolen gekregen. Cor is speciaal, met al haar drukte die ze al had, naar Amstelveen toe gefietst en nog is hij (kolenboer) niet. Het zijn allemaal ook bandieten. Wanneer ze je clandestien kunnen verkopen, dan hangen ze als klitten aan de deur, nu zie je ze niet, want het is alleen op toewijzing. Maandag a.s. begint de volksgaarkeuken te werken, taptemelk, bonenmeel, aardappelen en groente zolang die er nog zijn. De groente zal natuurlijk wel kool zijn, iets anders zie je niet. Wat dit mengelmoesje zal geven, behoeft voor niemand een geheim te zijn. De Duitsers hebben op de laatste kolen (steenkolen?) die er nog zijn, beslag gelegd en dus gaan wij een zeer precaire tijd tegemoet. De spoorwegen blijven staken tot groot ongenoegen van de Duitsers. Ook tot groot ongenoegen van ons allemaal, maar wij zetten liever de tanden op elkaar dan toe te geven. Dit zou toch betekenen dat wij onze eigen vrijheid nog langer tegenhouden. Wij allen zullen moedig strijden, ook al zal het straks met honger en kou gepaard gaan. Als Greet maar eerst weer beter is en weer wat langs de grond kan lopen, dan past alles zich wel weer aan. Greet zal alleen wat op moeten passen, want het wordt in huis al koud en dat valt niet mee. We hebben in ieder geval groot vertrouwen en we zullen elkander zo veel mogelijk helpen.
De Amerikanen hebben de Filippijnen geïnfiltreerd? en het resultaat schijnt zeer gunstig te zijn.
Ik ben even met Correke de straat op, peren kopen. We zijn even te voet, niet met het wagentje; als je tegenwoordig wat kunt krijgen, ben je er als de kippen bij. We eten vandaag erwtensoep en Cor gaat weer een hele grote pan soep maken. We hebben nog wat olie en dan zullen we weer verder zien.
Ik ga nu alles zeggen; vrijen met Correke, want zo noem ik haar tegenwoordig, of s avonds stoeien op de divan. Ik kan heerlijk eten en Cor en Greet laten mij maar raak eten, zolang het gaat; straks komen er wellicht andere dagen, dan zal ik me zo klein ik ben, ook aan moeten passen.
In Den Bosch zijn de mensen al bijna vijf weken ingesloten. Wat zal er daar van terecht komen? Ik zie er in ieder geval als een wolk uit. Lekker blozend, een gezonde body, mooie dikke krullen en lieve blauwe ogen, waar ik toch zo mee kan koketteren. Ik kan ook heel leuk dansen op mijn tenen en mijn handjes in de hoogte. Iedereen is dol op mij.
229