van deze kamer waren gemaskeerd met behang; zij wekten de indruk van een reusachtige badzaal. In het plafond waren 3 vensters, die open konden, en die men van buiten hermetisch kon sluiten. Rails liepen dwars door de hal, die leidde naar de ovenkamers.
Ziehier hoe de „operaties" verliepen:
De ongelukkigen werden in hal B gebracht; men zei hun, dat ze een bad moesten nemen en zich in het lokaal moesten ontkleden. Om hen te overtuigen, dat men hen werkelijk naar het bad bracht, gaven twee mannen, gekleed in het wit, hun ieder een handdoek en een stuk zeep. Vervolgens bracht men hen in gaskamer C. 2000 personen konden er binnen gaan, maar ieder had net genoeg plaats om zich staande te houden. Om te bereiken, dat deze massa in de zaal opgesloten werd, schoot men herhaaldelijk, om tenslotte de mensen, die er reeds in waren, te noodzaken, op te schikken. Toen iedereen binnen was, grendelde men de zware deur. Men wachtte enige minuten, waarschijnlijk, opdat de temperatuur in de kamer een zekere graad zou kunnen bereiken, vervolgens klommen SS-ers, met gasmaskers voor, op het dak, openden de vensters en wierpen de inhoud van enige blikken dozen naar binnen: een preparaat in de vorm van poeder. De dozen droegen als opschrift „Cyklon" (insectenpoeder); zij waren in Hamburg gemaakt. Waarschijnlijk ging het om een samenstelling van cyanide, dat bij een bepaalde temperatuur gas werd. In drie minuten waren al degenen, die in de zaal waren, dood. Tot nu toe heeft men nooit bij het openen van de kamers een enkel lichaam gevonden, dat nog enig teken van leven gaf, wat daarentegen veelvuldig voorkwam te Birkenwald, wijl men daar primitieve middelen gebruikte. Men opent dan de zaal, men lucht haar, en het „Sondercommando" begint de lijken op platte wagons naar de verbrandingsovens te brengen, waar ze verbrand worden.
De twee andere crematoria 3 en 4, verschillen in niets van dat, waarover ik schreef; alleen haar capaciteit is de helft kleiner. De totale capaciteit van de vier crematoria van Bir-kenau bereikt dus een totaal van 6000 vergassingen en verbrandingen per dag.
In de regel doodde men slechts de Joden door vergassing. De Ariërs ondergingen dit lot op een heel speciale manier, „Sonderbchandlung" (speciale behandeling), die voor hen be-
117