1071. Ssoudes. Ssoudes sennen geseires.
Geheimen zijn kwellingen. Bet: Geheimen zijn bezwarende lasten voor hem, die ze bewaren moet. Ssoud H. sod = geheim. Voor geseire, zie 267. Schprichw. S.E.V. 1. - V.P. 267. - Vgl. ook no. 1060.
1072. Ta'am. Aanem de ta'am in de mond gebben.
Ta'am. Aanem de ta’am in de mond gebben.
Iemand de reden (het argument) in de mond geven. Bet: Iemand de pap in de mond geven, het antwoord voorkouwen. Ta'am H. idem, hier = reden. V.P. 294.
1073. Tachles. Tachles reiden.
Verstandig, zakelijk spreken. Tachles H. tachliet = doel, praktische zin. V.P. von tachlis geredt.
1074. Tachles. Das is kaan tachles.
Dat is niet praktisch. Dat is geen verstandige taal. V.P. 297.
1075. Takkef. Takkef mit aanem sein.
Intiem met iemand zijn. ״Groot” met iemand zijn. Takkef H. takkief = sterk, machtig. Ned. Jidd. = intiem, bevriend. V.P. 300.
1076. Tanne, a. Douvon redt der tanne nit. b. Von dir redt der tanne nit.
a. Daarvan spreekt de tanna niet. Bet: Dat staat nergens geschreven.
b. Van jou spreekt de tanna niet. Gebezigd, als een onbetekenend iemand zich een air geeft. Tanna H. Tanna, wetgeleerde uit de Mischna-periode, vgl. Strack 119-135.
1077. Tanz. Es geit kaan tanz vor essen.
Er gaat geen dans voor eten. Bet: Eten gaat voor dansen. Eten gaat voor alles. Schprichw. S.E.V. pag. 9 en 18. - M.J.V. 1906, blz. 66, no. 567. - Essen geit vor ka Tanz. A Tanz geit nischt var kaan Essen. Geeft andere bronnen.
1078. Tanzmaanschter. Der tanzmaanschter tanzt fier ,s mesomme, der rebbe lernt fier’s mesomme.
239