881. Roow. Der schpeit aach dem roow ins pönem (var. zieht aach den roow an den bórt).
Die spuwt zelfs de rabbijn in ,t gezicht (var. trekt ook zelfs de rabbijn aan de baard). Bet: Die is tot iedere brutaliteit in staat.
Bij de traditionele eerbied voor de talmied chacham (schriftgeleerde) wel ongeveer het onbehoorlijkste, dat men zich op dit gebied kan voor-stellen. Roow H. Raw. = Heer, enz. thans gew. rabbijn.
882. Roow. Wo dér roow wert, schmadt sisch die kille.
Waar hij rabbijn wordt, laat de gemeente zich dopen. Schmadden van H. שמל dwingen het Jodendom te verlaten, eig. hem uit de gemeente uitdelgen. Volgens andere opvattingen van een Syrische stam שעמוד = dopen. Zie echter J. Levy, Wörterbuch über die Talmudim und Midraschim. Meschommed H. meschumad = afvallige.
V.P. 288. Als die en die raw wordt etc. - Tendlau. 671. Wo der Raw wird, schmad't sich die Kille. - Bernst. 253. Wü er is Ruw, sch’mad't sich di k'hilu. - Weill 836 en 982. Afwijkend: M.J.V. 1906 p. 65.
883. Rosch Choudesch. Rosch choudesch Ier, setzt man die maad vor die tier.
Op de eerste dag van Ijar zet men de meiden voor de deur. Blijkbaar doelend op de termijn, waarop het huispersoneel zijn diensttijd beëindigde. Iets dergelijks als Oude Mei (12 mei) in sommige delen van Nederland. Rosch Choudesch H. Rosch Chodesch = begin van de maand. Ier ־ Ijar = 2e maand (april/mei). Tier = D. Tür. Vgl. V.P. 260.
884. Rosch Choudesch. (Der meschollemt) an rosch choudesch ״nimmer” (Hij betaalt op) nieuwemaansdag ״nimmer”. Bet: (Hij betaalt) nooit. Vgl. op St. Juttemis. Meschollemt vulgo beschollemt. Overgegaan in de Ned. volkstaal. Meschaleem. part. van שלם = betalen. M.G.J.N. III, 79.
885. Rosch Choudesch. Wen es drei teeg rosch choudesch is.
Als het drie dagen Nieuwemaansfeest is. D.w.z. Nooit. Het kan hoog-stens twee dagen zijn. - V.P. 260. - Tendlau. 68. - Bernst. 251. M.J.V. 1899, pag. 28. Das is am dritten Tag Rousch Choudesch passiert.
204