852. Re-ei. Re-ei un wajikro machen die hoore von dem koure gro. Var. Tasrie's un metsoure, machen gro die hoore von dem koure.
R. en w. (resp. t. en m.) maken de haren van de voorlezer grijs. Deze afdelingen van de Tora bereiden door hun moeilijke tekst de Koure (zie b) grote problemen.
Koure H. koree. a. (algemeen) lezer. b. (hier) hij, die de (ongepunctu-eerde) tekst van de Tora openlijk voordraagt.
Gro D. Grau, m.h.d. grä, gräwes, zie kro 300. - M.J.V. XXII, blz. 14/ 101. Bereschis boro, sch’moss wo־eiro. - Sasria metsoiro machen kourim alt und gro.
853. Refu-e. Got schikt die refu-e vor der makke.
God zendt de genezing voor de kwaal.
Tendlau. 946. Unser Harjet schickt stets die R. vor der M. - Bernst. 48. (No. 78). - M.J.V. 1900, blz. 124. Got is makdim di refue far die make.
- Tendlau brengt de bronnen. Zie Megilla 136 en Jalkut op Esther III,
I. Vgl. ook Baba Batra 91a en Raschi aldaar.
854. Reiden. Reiden is kaan ssenken (zenken). Var. Ir reiden is zenken. Praten is geen twisten. D.w.z. een rustige betoogtrant moet mogelijk zijn, in een eerlijke discussie. Reiden met Jidd. ei uit D. reden. Zenken oude m.h.d. nevenvorm van D. zanken, die zich in het Jidd. gehand-haafd heeft.
855. Reiden. Men ken nit reiden, ohne zu schmusen.
Men kan niet spreken, zonder (iets) te zeggen. Bet: Men kan voorzichtig zijn met zijn woorden.
niet te = niet 536. -
Let op de nuance! reiden = weloverwogen praten; schmusen overwogen praten.
Cf. Ned. veel spreken maar weinig zeggen. Schmusen, zie V.P. 281.
856. Re-ieje. Die re-ieje is besser wie die schemie-e.
Zien is beter dan horen. Bet: Het horen (van de getuige) dient in geen geval meer waarde te hebben dan het zien (zelf). Re-ieje H. re־ieja = het zien. Schemie־e H. schemiea = het horen. Zie R. Haschana 25b.
198