758. Neschommes. Das sennen verloren neschommes.
Dat zijn verloren zielen. Gezegd van mensen, die zich alleen uit waaghalzerij aan enig gevaar blootstellen. Weill 672.
759. Newêre. E newêre, das e beis moul daran komt.
Zonde, dat een kwade mond daaraan komt. Bet: Zonde, dat een slecht mens daarvan geniet. Vooral met betrekking tot typisch Joods lekker eten.
Newere H. ,awera. Zie voor n no. 344 en inleiding § 4, II, 3. - Vgl. Bargoens; een nies je een niesse enz. van ,n iesje H. iescha == vrouw. Moormann passim en Van Dale.
Newere ook met de uitspraak ״neweire”, waarschijnlijk van Amsterdam uitgegaan. Zie De Vries רשומות.
760. Newêres. Sou wert aaner s’n newêres poter.
Zo wordt iemand zijn zonden kwijt. Gezegd van moeilijke of vruchte-loze arbeid voor een goed doel. Poter, zie no. 797. - V.P. 88. Daar kan men z’n aweires aan kwijt raken.
761. Newêres. Vor al m’n newêres.
Waarschijnlijk ontstaan uit: ,n Kapore vor al m’n neweres.
(Dit zij een verzoening) voor al mijn zonden. Gezegd als men iets onaangenaams ondervindt, of iets zonde vindt van tijd of geld. Tendlau. 489. met afwijkende betekenis.
762. Niele. Wir halten noch nit bei niele.
Wij zijn nog niet aan het slotgebed.
Bet: Wij zijn er nog niet. Wie weet, hoe het afloopt.
Niele H. ne’iela = slot, sluiting. Hier het laatste gebed van de Grote Verzoendag.
763. Niks. Niks sein un niks gleischen is gór niks.
Niets zijn en niets lijken is helemaal niets. Gezegd als iemand zich een air geeft, terwijl iedereen overtuigd is, dat hij niets betekent.
764. Niks. Mir niks, dir niks.
Mij niets, jou niets. Zo maar, zonder zich te generen. Niks = geen
179