Kamertjeszonde

Auteur
Herman Heijermans

Geschreven onder pseudoniem
Koos Habbema

Titel
Kamertjeszonde

Jaar
1898

Druk
1899

Overig
2ed

Pagina's
439



841

„Da’k met jou lééf.. . n Getrouwde vróuw met twee kindere! ... Als God me is in me Kaatje strafte!...

„Kom!... Schei uit met je gekheidjes!... D’r valt niks te straffe!... Je ben volkomen eerbaar! Wat zit je te prakkizeeren ? Moet ik je tèlkens weer uitpraten de stomheid van andere men-schen?... Mozes was ’n kwibus toen-die zich zoo’n zótte voorstelling maakte van ’n God met tien gebodjes!... Maak je maar niks angstig. Morgen zal ’k ’n dokter halen, hè?... En wat zeg je van die scène bij Duif? — Schrikkelijk, hè?”

„Ja, vreeselijk. — Hoor je Ka hóéste? Zou ’k er bij ons in de alkoof neme?”

„Doe dat liever morgen... Anders vat ze nog kou. Licht uit-draaie? Leg je?”

In bed begon ze nóg eens, tobbend, ongerust, opgeschrikt door Stientjes dood.

„Weet je wat ’k goddelijk zou vinde, Alf?” vroeg ze zacht-pratend onder de dekens, de volle warmte van haar jong lichaam tegen mij aan.

„ .. . Nee, wat?” vertrouwelijk-fluisterde ik.

„ ... Als ’k vannacht dood bleef in je arme” . ..

„Zoo. Héél aardig” ... zei ik toonloos, met de plotselinge visie van het lijkje — één lijkje.

„ ... Dood te gaan in jouw arme, terwijl je nog van me houd ...,” klonk het diep-moedeloos.

„Heb je nog méér onzin?”

„ ... En dan jij over mij an ’t huile, schrikkelijk huile ... Wat zou me dat goed doen...”

„ ... Egoïst!” ...

„ ... Jij zou wel weer ’n andere vrouw vinde ... Wees nou niet kwaad, liefje... Ik zou ’t zoo héérlijk vinde... in jóuw arme ... en jij over me treure ... ’n tijdlang ... en dikwijls gaan naar me graf met bloeme ... wat héérlijk ... wat héé*éé-éér-lijk ... niks meer te make hebbe met die vièze wereld. .. niks met die mense benede... niks met de mense buiten... niks met me man... niks met alles... Als ’t zoo donker is, voel ’k jou als ’t éénigst... en wat kan ’r héérlijker zijn dan bij dat eenigst inslapen, zooals ’k nou leg... nooit meer wakker worde, nooit meer al die vijanden zien.. . nooit meer . .. nooit meer ...”

Ze kroop weekwarm tot me op, inslurpend het grijsloome van ’t stil-liggen in nachtdonker.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.