Schetsen, deel 8

Auteur
Herman Heijermans

Geschreven onder pseudoniem
Samuel Falkland

Titel
Schetsen, deel 8

Jaar
1904

Overig
1ed

Pagina's
256



„Wat dan jongen!” knorde hij.

„Ik hoor wat,” zei ik bevend, beangst door het eenzame van dat groote, verlaten schip, met z’n verwoeste verschansing en overhellende masten.

„Zooveel te beter,” zei de schipper, blij dat-ie misschien bijtijds kwam om nog den een of ander te redden.

Z’n hoofd verdween in het luikgat — de matroos volgde — toen ik.

Nee — d’r was geen sterveling an boord. We kwamen in ’n nette kajuit — niks.

In de slaaphut — niks.

De schipper schreeuwde om zich te overtuigen — de matroos stampte, zocht alle hoeken af — niks,

En toch bleven we met z’n drieën benauwd en schuw staan, de mannen net zoo goed als ik, kwajongen, — want in die akelige, afschuwelijke stilte van de kajuit, klonk ’t angstig-helder — tik-tak — tik-tak — tik-tak.

De wekker aan den wand geschroefd, liep nog, tikte, een-twee, tik-tak, tik-tak.

„Wat maakt dat ding ’n verdomd geweld,” gromde de schipper.

Ik keek naar den secondewijzer die rustig voortsprong, luisterde doodelijk-bevreesd.

Het getik was niet ongewoner dan dat van’n andere klok — mal dat je ’t bevestigen moet —’t klonk niet schel en niet óverhard — maar hier in die verlaten kajuit, waar wij als inbrekers snuffelden, waar alles bijna intiem leek — ’n vrouwe-naaidoos, vrouwe-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.