144 Zy wil z'n portret____
tóen een schram, tóen een buil had — om welke reden zij soms eenige dagen onzichtbaar bleef — vermogen wij te passeeren.
’t Kan niémand stichten derglijke ongure huwe-lijksgeheimenissen gedetailleerd te zien.
De metafoor „kat en hond* bezit voldoende sterkte.
Op ’n dag overleed de hond.
Laat ik ter vermijding van alle sentimentaliteit onmiddellijk zeggen dat de kat er geen schuld aanhad, dat in het algemeen kijvende echtgenooten elkanders gezondheid niet dan bij hooge uitzondering schaden.
Het geval zou melo-dramat isch zijn, zoo wede excesse begingen den gestorven smid voor te stellen met een gat in z’n hoofd of een gelaat bedekt met nageldrukken.
De man vatte kou.
De man stierf.
En van af het oogenblik dat de bedsteedeuren gesloten werden, het verlof tot begraven verkregen was, had er in de spichtige, vinnige, onaangename vrouw een allerzonderlingste omkeer plaats.
De buurvrouw-van-achter met wie ze nu vólle vier jaar overhoop had gelegen om ’n scheutje petroleum dat op ’t portaaltje gemorst was en dat toch ergens vandaan moest zijn gekomen — de buurvrouw-van-achter, d’r grootste en venijnigste vijandin liep bij d’r in en uit alsof ze de liefste vriendinnen sinds kwarteeuwen waren.
’t Mensch zette koffie uit haar koffiebus, morste dik op haar tafelzeil, schepte ’n mirakel suiker uit