Schetsen en vertellingen

Auteur
Herman Heijermans

Geschreven onder pseudoniem
Samuel Falkland

Titel
Schetsen en vertellingen

Jaar
1974

Pagina's
249



elke conversatie op het belangen-peil der omgeving te houden. Die welvoeglijkheid slachtoffert ons. Men kan moeilijk, ergens geïnviteerd, de voorwaarde stellen: ‘u wordt beleefdelijk uitgenoodigd niét over kunst te redeneeren of meeningen te vragen/ En omdat zulks niet kan, slikken wij, auteurs, bij thee en soep veel schoone opmerkingen en diepzinnige interrupties over onze Nering. Ik zeg dit eenigszins materieel en aanstootgevend, om de koppeling te kenmerken. Hoffelijkheidshalve vraag ik, in geserreerden kring, geen nering-bijzonderheden aan een effectenhandelaar of grossier in tabak. Waarom, als ik het den heelen avond zonder effecten- of tabaksdiscours kan - waarom kunnen anderen het niet zonder kunst-aangedaanheid? Dat is voor ons geen gezellig vermaak, geen verzetje, geen gezelschaps-spel. Artisten onder mekaar, zijn, meen ik, gewone menschen. Wat prikkelt derden de citroen van het buitengewone te persen? Ik kout liever - vreemde zielsanalyse zo maar in ’t openbaar! - over het weer, verkoudheid, de Russen en Japanners, de staking in de Duitsche kolenmijnen, de verkiezingen en meer van die alledaagsch-aardsche aangelegenheden, dan dat ik pruim en gewichtig m’n lippen bewriemel over ’t laatste theaterstuk, dit of dat artikel in de Groene, dit of dat betoog in een periodiek, dit of dat boek van Couperus, Borel of een der andere in-kunst-snikkenden. Ik snik zelden. Het is zo lief niet te snikken, niet te hijgen, géén gevoelige dingen te zeggen. On lave son ligne sale - in z’n eentje -bij zeep en smaaklijk water. Als een artist iets moois, iets speciaals, iets diepgedachts in gezelschap (bij thee, soep, croquetjes, dessert) beweert, pleeg ’k boosaardig en pervers te grunneken. Er zijn similisteenen en diamanten, lexicongeleerden en wijsgeeren, ge-pommadeerde, kraaklaarzende, snor-geweldige kantoorheeren en gentlemen. De onderscheiding is lastig. Vooral ter plaatse van kunst. Simili en echt raken als een klit zoo verhaspeld. Gesnork en arbeid lijken broertje en zusje - de snorkers lieden van beteekenis. Doch over deze bedisputeerbare aanschouwingen vermijdt men huiselijk, afterdinnersgesprek. De bepeinzing in-z’n-eentje of de dictatorale uitspraak in een krant zijn te verkiezen. In z’n eentje is men alleen - in de krant onschendbaar, onaantastbaar, opperst. Waartoe dan nog kunstpousse, kunst-pralines, kunst-herkauwing, in gezelschap of in eenzaam dorp, terwijl twee paar voeten warmte eens haards inzuigen? Gunt men een commis-voyageur geen rust?

173

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.