EEN TRAGISCHE DAG. 105
1) Aan de ééne zijde gaven het vijfde en zesde kapittel mij niet de ontroering, die men voor alle kunst en zeer zeker voor die van verluchting noodig heeft, aan de andere zijde — dat sloeg den doorslag — verzocht mij de uitgever, eerst vriendelijk, daarna met besliste verbolgenheid, om een weinig te bedenken dat Holland geen land is voor een boek met véél clichés. In de nog vriendelijke bui zeide hij : „Amice, op ’n vèl meer of minder,