heb ik een aantal dames van over de dertig zóó gezellig met elkaar bezig gezien als dit borrelclubje. Wat kijken mannen elkaar vriendelijk trouwhartig aan bij zulk een gelegenheid — geen erbij die denkt: „Wat kleurt dat pak je naar" of „hij heeft warempel een paar valsche kiezen gekregen." Nee, mannen lijken veel aardiger. Vrouwen hebben ze nu ook bijna allemaal, echtgenooten bedoel ik, — doch daar spraken ze op het oogenblik niet over. De dameskapel was een modem soort dameskapel, waarvan de dames zich elk moment allerliefst verkleedden — meest tra-vesti — matroosjes, straatjongens en markiezen uit de rococo-periode, maar ook het nummer van de schoolmeisjes had geweldig succes. In gedachten vroeg ik me af, of de echtgenooten van deze oud-academici hun beenen nooit eens lieten zien, of wellicht erg leelijke beenen hadden — ze waren zoo echt leuk enthousiast van die schoolmeisjes — en markiezenbeenen. Pim van Bruggen was er geheel weg van — hij wilde meedoen met die meisjes; ik geloof zelfs in hun troep opgenomen worden en met ze verder trekken, Mr. Pim van Bruggen uit Veenschoten. Hij begon al de markiezensteken en de matrozenmutsjes van ze aan te passen — maar Pim van Bruggen