117
daar mogelijk, waar de verschillende familiën zich verbinden, om met vereende krachten die inrichtingen in het leven te roepen, die voor de ontwikkeling van het Joodsche leven onontbeerlijk zijn. Eene zoodanige vereeniging is de Joodsche gemeente רןהלהו>. Waar slechts eenige Joodsche familiën op eene plaats bijeen zijn, behoort eene gemeente gevestigd te worden, opdat door gezamenlijk streven het Joodsche godsdienstleven gegrondvest en voortgeplant worde. Ook hier vinden de drie grondzuilen der maatschappij (רתורה עבורה וגמילות חסדים) hunne vertegenwoordiging in de zorg voor onderwijs, eere■ dienst en armwezen, het stichten van de daartoe noodige gebouwen en inrichtingen, als: scholen, bedehuizen (׳ובתי כנסיורת leerzalen ׳(בתי מדרשורת
T T : ־ ” T
liefdadigheidsgestichten enz., het bijeenbrengen van vaste gemeente-, armen- en weldadigheidsfondsen, het aanschaffen van J־TD en verdere kerkelijke behoeften, het aanstellen van kundige, godvruchtige en waardige voorbidders (“׳(שליח צבור leeraren en sjochetim (׳(ש1חט maar bovenal in het beroepen van geestelijke hoofden of, in kleinere plaatsen, van gemeentelijke leeraren, bevoegd, waardig en geschikt, om het Joodsche leven in huis, kerk, school en gemeente door leering, vermaning en voorbeeld te planten, te bezielen, te leiden en te beschermen.
De Joodsche gemeente vindt den meest onont-beerlijken waarborg van haar bestaan en voorspoedige