Joodse godsdienstleer voor de jeugd

Titel
Joodse godsdienstleer voor de jeugd

Jaar
1969

Pagina's
220



109

geen uiterlijke praal bij een ontzield lichaam, geen schitterende opachik bij de woning van een naakt gebeente, geen rang of titel, geen luid sprekende vereering en onderscheiding, daar, waar ״groot en *klein gelijkelijk aanwezig zijn!” — Eenvoud, sobere eenvoud, luidt de hoofdvoorwaarde van alles, wat met den afgestorvene en zijne laatste rustplaats geschiedt.

3.    Erkenning en volledige vermelding, zonder overdrijving, van alle werkelijke deugden en ver-diensten der overledenen, is onze plicht. Deze vormt ook de hoofdbeteekenis van de klaagrede (׳והספד die wii over hen moeten houden.

4.    In de omgeving eens dooden heersche een eerbiedige, bescheiden toon en gedrag, en moeten alle luidruchtigheid ijdele of oneerbiedige gesprekken streng vermeden worden. Ja, in de onmiddellijke nabijheid des dooden is iedere gewone bezigheid of verrichting, als : eten, drinken, lezen, rekenen enz. verboden.

5.    De doode is volslagen machteloos en dus ook niet meer tot godsvruchtige handelingen in staat. Daarom is het ons ter 2ijner eere ook verboden, in de kamer, waar zijn stoffelijk overschot ligt, bij de lijkstaatsie of op de begraafplaats ons met gods• dienstige verrichtingen bezig te houden, als: het zichtbaar dragen van ציצה of הפלין, bidden, ק״ש lezen, Thora beoefenen of godsdienstige voordrachten

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.