51
werk ten onzen behoeve meer of sneller gewerkt heeft. Hij moet bij zijn werk niet aan ons gedacht, of een zoodanig werk verricht hebben, dat voor weinige of voor veel personen geheel hetzelfde blijft;
c. door het gebruik, dat wij thans van zijnen arbeid maken, ook niet de mogelijkheid ontstaat, dat hij eenen anderen keer ten onzen behoeve meer of sneller arbeidt.
Heeft een niet-Israëliet ten onzen behoeve iets op Sabbath gearbeid, dan mag daarvan na het einde van den Sabbath niet eerder gebruik gemaakt worden dan na verloop van zooveel tijd, dat het werk daarin had kunnen geschieden בכדי שיעשהו).
Voorwerpen, die niet reeds van vóór Sabbath voor hun eigenlijk gebruik op Sabbath konden of mochten bestemd zijn, mogen wij op Sabbath niet van hunne plaats bewegen, veel minder er van gebruik maken (מוקצה)• Hiertoe behooren : volstrekt ongenietbare
T ' :
spijzen, voorwerpen van bijzondere fijnheid of kost-baarheid, voorwerpen, die eerst op Sabbath ontstaan zijn, voorwerpen voor verkoop bestemd, werktuigen voor op Sabbath verboden verrichtingen, of voor-werpen uitsluitend voor godsdienstige verrichtingen bestemd.
Werktuigen, die gewoonlijk voor op Sabbath on-geoorloofde verrichtingen bestemd zijn, mag men alleen dan van hunne plaats bewegen, wanneer bij uitzondering van hen zelf, of wanneer van hunne
Wag. m, 4׳