£6
Alleen wie des daags een טלית aantrekt, spreekt daarover eene lofzegging uit, ׳s avonds of 's nachts niet.
•בדכורז
T :
Over de beteekenis, het gewicht en den verschil-lenden aard der lofzeggingen (ברמת) is reeds vroeger
T ־.
gesproken (II, 10). De lofzeggingen. die bij iedere gelegenheid in ׳t bijzonder moeten uitgesproken worden en de bepalingen, die daaromtrent in ieder bijzonder geval gelden, vormen een onderwerp, waarvan de nauwkeurige kennis voor het streng Joodsche godsdienstleven onontbeerlijk is. Het aan-leeren der ברב1רת en van de bepalingen, die er op
T :
betrekking hebben, wordt intusschen wegens den grooten om vang er van als een afzonderlijk leervak beschouwd. Hier volgen slechts enkele hoofdregelen, die bij het uitspreken der lofzeggingen in aanmerking komen :
1. Daar alles, wat wij hier op aarde genieten, door ons als eene gave uit de hand des Aller-hoogsten behoort beschouwd te worden, zoo verliest ieder genot, indien ook nog zoo gering, voor ons zijne waarde, als wij niet vooraf Gode er voor onze hulde brengen (אסור ליהנורז מן העולם הזה בלא ברכה׳•
T T :
2. Onverschillig of wij eenige spijs of drank als voedsel of bijv. als geneesmiddel nuttigen, zoodra