en Donderdag, alsmede op feestdagen, middendagen feestelijke gedenkdagen en nieuwemaansdagen ׳s mor* gens, en voorts op algemeene vastendagen 's morgens en 's middags, wordt bij den gesamenlijken dienst eene bepaalde afdeeling uit de miF! voorgelezen.
T
Het nemen van het ספה ותורה uit de Arke
T V I״
ארון הקדש)) vóór, en het weder terugbrengen daar-henen na afloop van die voorlezing, gaat gepaard met het aanheffen van toepasselijke Bijbelverzen en Psalmen, beurtelings door voorlezer en gemeente.
Oorspronkelijk moest het voorlezen uit de Thora• afdeeling, in verschillende onder-afdeelingen gesplitst, door evenzooveie mannelijke, godsdienstig-meerder-jarige personen uit de aanwezigen geschieden. Vol-gens het thans algemeen heerschende gebruik echter geschiedt het door een ander daartoe aangewezen persoon (ק1הא), terwijl daarbij achtereenvolgens verschillende personen voor de Thora verschijnen, die echter elk woord zeer zacht voor zich zelf met dezen medelezen.
Het aantal personen, dat op deze wijze voor de Thora verschijnt (י(עולים להורה is: op Sabbath-mid-dag, Maandag en Donderdag, Chanoeka, Poerim en vastendagen drie, op nieuwemaans- en middendagen vier, op feestdagen vijf, op den Verzoendag zes, op Sabbath-morgen minstens zeven (behalve den ׳מפטיר waarover later).
De voorgeschreven volgorde bij het oproepen, om