Onaangedaan staart zij voor zich uit, als de deur in ’t slot klept. Dan zakt haar hoofd in vermoeidheid op de handen. Doch weer opveerend, kijkt ze de twee door het raampje achterna, glijdt in den leunstoel)
Stem, (in de Tapperij) Volk! Volk! Is hier niemand?
Moeke, (door ’t raampje sprekend).... Arend! Arend! Waar zit je? (Stem Arend: „Hier!”).... Ken u niet wat
beter opletten? U hoort dat 'r volk is (Houdingloos
gaat ze achter de tafel onder ’t licht van de lamp zitten, maakt het teeken des kruizes, begint in diepste, tranen-looze smart te bidden. In de tapperij herleeft het oude rumoer)
EINDE VAN HET LAATSTE BEDRIJF
Begonnen in Bloemendaal 1918. Beëindigd in Zandvoort 1923.
87