De opgaande zon

Titel
De opgaande zon

Jaar
1908

Druk
1932

Overig
4ed

Pagina's
176



DERDE BEDRIJF, TWEEDE TOONEEL    IOI

liet.... Dat ken 'k met me witte haren niet meer hebben.... Dat heb 'k al ééns zoo goddeloos-zwaar in me leven gehad — negen, tien jaar voor jij van de wereld wist — dat is niet om door te komen. . . .

Sonja:

. . . .We hoeven 't niet door te komen, grootva-dertje — je zit je om niets angstig te maken, hahaha! En zoolang je gezond ben. . . .

G r oot v a:

. . . Niet liegen, niet liegen — en niet lachen! . . . Hoe — staat 't met de zaak — de zaak van me — van me zoon Mathijs. . . . ?

Sonja:

. . . .Laten we nou over andere dingen praten — je ziet waarachtig wit.... Kop koffie ?

Groot va:

Dus — dus ik wor 'r buiten gehouen?

Sonja:

. . . Buiten wat?

Grootva:

.... Buiten alles ?. . . . Goed .... Goed. . . . Maar meemaken doe 'k 't geen twééde keer. . . . Nog is nagekeken te worden door de buurlui van den overkant, door de buurlui daar en daar — nog is in de kerk niet van je kerkboek durven opzien — nog is me vrinden verliezen — je houdt 'r niet één, as 't je overkomt — je wordt 'n schurftige hond.... — nee, nee — dat maken mijn ouwe handen niet nog is mee. . . .

Sonja:

. . . Ik — herken je vanavond niet, grootvader-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.