De minnaars

Titel
De minnaars

Jaar
1970

Pagina's
214



Wat heb je eigenlijk aan je leven, je hebt geen leven, dag in dag uit in de trein...

Ik ken dat van haar. Eindeloos gezever over zichzelf, over anderen. Maar als iemand haar de rol zou afnemen zou ze in staat zijn tot een moord. Als ze drie avonden thuis moet blijven, is ze op de rand van zelfmoord. Ik ben in het eerste en in het vierde bedrijf. Weet je wat ik doe, zeg ik, ik ga nog even de kermis op. Als je maar op tijd terugbent, zegt ze, met een gezicht van die dondert gelukkig op. Ik kleed me aan, en ga de kermis op. Luxesaltimban-que gaat neuzen bij de nederige kermissaltimban-ques. Waanzinnig aantrekkelijk dat slenteren tussen de kramen. Wafels en oliebollen. De avontuurlijke lokroep van een kitschwereld die zich niet beter voordoet dan ze is. Blik en show-klater. Draaiende wielen van fortuin. Tenten met joelende doodskoppen. Wagentjes, die tegen elkaar aandreunen, terugketsen, wankel verder rollebollen. Vrijende vis-sersmeiden, rood van zondig besefte geildrift. Met kermis mag het. Ze ligt smeuïg van drift achter de tent, met hete Dries, voelt in zijn broek en hij in de hare. Lekker. Niet te ver gaan Dries, als ik zwanger word slaat mijn vader jou en mij de hersens in...

De acrobatentent. Ik kijk op mijn horloge, heb tijd om het programma te zien. Minitheater, klein toneeltje, toch nog voetlicht, witte clown met rood-bollende neus zit aan de piano. Ik ga op de eerste rij zitten, wat ik in geen een theater laten kan, ik wil alles zien, de geschminkte koppen, de kleinste be

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.