de mensen zich hiermee bezighielden, alsof het iets gewoons was, dan was het zeker niet zo erg. Om die laatste overweging speelde ik graag mee. Door dit alles kwam hij op het laatst hoe langer hoe meer in handen van profiteurs, hij kwam in gezinnen terecht, die hem gingen plukken, die hem behandelden als die gekke, rijke vent. Ik waarschuwde hem, hij zag het wel, maar wilde er niet over horen. Ik zei hem, dit wordt op den duur je ondergang. De gevallen engel antwoordde: en wat dan nog? Omdat ik zijn ondergang niet verder wilde meemaken, verbrak ik onze vriendschap.