De minnaars

Titel
De minnaars

Jaar
1970

Pagina's
214



oordelen. Fred sloot vriendschap met Aart, die hij als man wel bewonderde. Onderwijl besprak hij met mij alle moeilijkheden van mijn huwelijk en stookte met een dubbelhartigheid die hij eveneens bezat, Aart tegen vrouwen en tegen mij op. Het man-vrouwbegrip ergerde hem onbewust altijd, hij voelde zich onmachtig, wanneer hij er contact mee had, stelde zich aan de kant van de man. Hij vond dat vrijwel iedere man onbegrepen leefde naast zijn vrouw, daaraan had hij wel gelijk, maar de gedachte dat een homoseksuele binding dat alleen kon opheffen, was natuurlijk eenzijdig. Desniettemin bekeek hij de zaken ook van mijn kant. Onze vriendschap werd door zijn dubbelhartigheid niet gestoord, het hoorde allemaal bij de ‘gevallen engel’, Fred was zowel engel als gevallen. Later trok ik mij van hem terug, omdat ik niet kon aanzien dat hij zich hoe langer hoe meer voor de leeuwen wierp. Zijn homo-contacten werden hoe langer hoe meer dubieus, althans zijn intieme contacten, want de rest van de hofhouding was een zeer wisselend, vrolijk gezelschap, waar ik kostelijke avonden mee heb doorgebracht, als enige ‘uil’ in hun midden, met veel lachen, drank, en de pittige galgehumor, die homofielen bezitten. Van het idee bezield dat de buitenwereld niet mocht weten hoe hij was, bezocht hij— met mij-de homo-bars. Ik zat tussen mijn anders geaarde vrienden en wende als ‘uil’ aan het vrijen, het dansen met elkaar, de hevige, plotseling ontluikende liefdesaffaires, schijnbaar niet kapot te

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.