Ik ben weer zwanger geweest. Ik ben weer behandeld. Eric heeft er niet veel van gemerkt, ’s nachts. Hij sliep. Dat is goed. Nou kan je wel zeggen, een man moet zoveel van je houden, dat hij er met zijn liefde overheen leeft. Ik weet nog altijd niet, wat die liefde nou eigenlijk is, als je het moet omschrijven. Is het begrip liefde, zoals het ons voorgetafeld wordt niet het zelfbedrog van mensen, die elkaar tegen beter weten in vastgeklonken hebben met een sympathiek compromis ? Ik zou dat dan eerder een vorm van sympathie willen noemen, die je ook tegenover je broer, je zuster, je vriend kan opbrengen. Ik haat de stank van poep. Als verpleegster gaf ik over, als ik een pot moest legen. Ik ben er nooit aan gewend geraakt. Heb ik daarom geen liefde? Er zijn zenuwen in mij, die weigeren de stank te aanvaarden. Ik ben ook maar heel kort verpleegster geweest. Er zijn operatiezusters, die nooit aan het bloed wennen, die altijd vechten tegen bewustzijns-verlies, tijdens een operatie. Waarom moet een man naast je liggen met de gedachte, het is mijn vrouw, het is haar bloed, gezegend bloed! Er zijn godsdiensten, waar de vrouw buitenshuis verblijft, als ze menstrueert. Waarom worden zoveel vrouwen kwaad, als de man een extreem minnaar is. Eric is een esthetisch minnaar. Hij haat kwaaltjes, hij haat