Kamertjeszonde

Titel
Kamertjeszonde

Jaar
1898

Druk
1970

Pagina's
392



kul. Daar komt nooit geen mens achter! - Krijg je geen brieve van Isaac?5 ‘Nee.’

cSendt ie je geen geld meer?5

‘Néé. Late we nou maar over wat anders prate... Kaartje make, Alf?5 zei Georgine onrustig.

‘Ga eens bij Ka kijke, Georgine, ik hoor 5r zo hoeste,5 zei ik.

‘O niks - een kou - warrem houe,5 adviseerde schoonma, ‘een héle gewone hoest.5

We begonnen een kaartje, dat bij de eerste ronde al gestoord werd. Juffrouw Doedelaar kwam nóg eens klagen. Al zesmaal had ze nou gevraagd om d5r handdoek en d5r servet en wat of daar nou mee gebeurd was.

‘Gut, juffrouw, mot u me daar om komme lastig valle, terwijl me moeder hier is ?5 zei Georgine vinnig.

‘Nou jawel,5 pruttelde juffrouw Doedelaar, ‘maar aan alle geduld komt een end. Wéke lang vraag ik d’r om.Wéke lang. En 5s morgens kan ik hier nooit terech. U begrijpt dat ik niet sóveel handdoeke en servette heb...5 ‘In elk geval,5 zei ik uit m5n humeur, ‘heb u d5r nóu niet om te vrage.5 ‘Seker - u heef gelijk, meneer, maar de juffrouw scharrelt télkes met het goed dat in de was mot...5

‘Wat scharrel ik?5 viel Georgine uit, zéér verontwaardigd.

‘Goed. Goed. Kom u morgen maar terug,5 zei ik weer.

‘As ik het dan maar krijg,5 brompruttelde juffrouw Doedelaar, ‘pas een tafellaken met een gat erin., en twee koppiesdoeke stuk...5 ‘Het zijn me d5r koppiesdoeke na,5 zei Georgine ruzieachtig.

‘En u mishandelt het goed,5 bruiste juffrouw Doedelaar ineens rood van kwaadheid op, ‘da5s geen manier! Da5s geen manier! Zo kan je alles runi-were... En nou mót ik morrege me handdoek en me servet hebbe!... Is me dat een geval! Is me dat een geval!5 Driftig nakakelend sloeg ze de glazen voordeur dicht.

‘Wat een valderappus,5 zei schoonmama.

‘Dat komt nou alléén, Alf,5 zei Georgine, wit van boosheid, ‘datje ze van de maand niet hélemaal heb betaald. Nou krijge ze praats!5 Beneden hoorden we een twistend bromgesprek.

‘Ze hebbe ruzie,5 meende Georgine.

‘Sst... Sust!5 zei schoonmama, luistergraag.

De vrouw was het geschil beneden aan het uitleggen. Doedelaar vond het ongetwijfeld zó erg, dat hij z5n stem in hysterische woede uitzette... ‘Nou en wij móéte oens goet terug!... Zijn die lui oben helemaal belazerd!... Iemand zijn goet ruiniere... en telkens stroent met ze!...Laat hij erst betale en dan praats hebbe!5

289

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.