Kamertjeszonde

Titel
Kamertjeszonde

Jaar
1898

Druk
1970

Pagina's
392



Toosje was een stil kind. Als zij met Netje en Kaatje speelde, leek zij het ouwelijk moedertje. Zwijgend zat ik er bij als zij keukentje knoeiden. Toosje was de ‘mevrouw’, Kaatje de ‘dochter’, Netje de ‘dienstmeid’ en dan moest ik op visite komen.

‘Kom u binne, meneer. Ga u zitte. Wat wil u gebruike?’

‘Nou liever niks, mevrouw.’

‘Ik heet mevrouw Stengevis.’

‘Zo mevrouw. Héél aangenaam.’

‘Wil u een koppie sjokola?’

‘Asjeblief, mevrouw, dólgraag.’

Lachend stond Georgine toe te kijken. Toosje brokte met fijnwitte tandjes een paar natte piezeltjes chocola van het cents-tabletje, spuwde die met bruine lipjes in een kopje van het kinderservies. Ka, strak-ernstig, deed er een lepeltje melk bij en Netje, de meid, afgunstig op mevrouw en de dochter, die het lékkers hadden, terwijl zij alleen voor water en suiker mocht zorgen, goot uit het speelgoed trekpotje water bij. Toosje begon dan de chocola, onder hevige belangstelling van Ka en Netje, met het dunne wijsvingertje in het kopje te wrijven tot de waterige melk érg zwart-bruin werd.

‘Niet zo morse, kind,’ zei Netje.

‘Bemoei je er niet mee’, zei Toos snibbig, ‘ik ben de mevrouw en jij de meid, hóór, hóór?’

‘Tóch zal ik het zegge.’

‘Zal ik es proeve?’ vroeg Ka, die een prachtkleur van kinderlijke blijheid had.

‘Nee-éé. Zóveel sjokola is er niet.’

‘Nou maar de sjokola is van allemaal, niewaar mamma ?’

‘Geen ruzie make Tosie.’

‘Nou-maar zij mag niet proeve, mamma... Het is een koppie voor ome.’ ‘Laat ’r maar eve proeve,’ zei ik, bang voor het lekkers.

Ka proefde met verliefde roze-lipjes.

‘D’r is geen genoeg suiker in, moe.’

Netje schepte wrat suiker bij, Toos roerde nog eens. Toen likte zij het roervingertje af, wou me het kopje brengen.

‘Nee dat mot ik doen! Ik ben de dochter!’ protesteerde Ka en Netje snibbig, uit haar humeur, pruilde dat zij de meid was en dat de meiden boodschappen moesten doen.

‘Wie mot het brenge, ome ?’

‘Nou,’ meende ik, ‘laat nou mevrouw het brenge en over een kwartier moet ik nog een koppie en dat moet de dochter brenge en over nóg een

254

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.