Kamertjeszonde

Titel
Kamertjeszonde

Jaar
1898

Druk
1970

Pagina's
392



‘O, da’s goed. Dank u.’

En die laatste woorden vormen een gebeurtenis.

De oogjes van juffrouw Stengevis flitsen inééns op uit hun doelloze dwaling, gluren schuin weg naar juffrouw Doedelaar. Georgine is van kleur verschoten.

‘Frits poetst se anders wel netjes, niewaar meheer?... Ach as u hem een fooitje in de maand geeft, gaat ie voor u door het vuur. - Nou Ka. - Nou gane wij. - Lekker met Netje in één bed, hé ?5 ‘Dag mamma. Dag ome Alfed. Dag moeder. Dag meneer.5 Juffrouw Stengevis wrijft met een kalkhandje over de mond. Nou wéét ze door een toeval hetzelfde wat papa en mama Casper weten, het gróte geheim van de meneer met wie Georgine het hóüdt - want niewaar as elleke morge de schoene van een heer voor de deur staan... Nou en so5n ontdekking is wel een visite waard... En op so5n lollige, stiekeme manier als je het merkt... En so5n^odejuus schandaal vaneen getrouwde vrouw... en hoe se verneukt is geworde op die middag toen se wou wéte of die meneer Spier bij Sorsien bleef eten... Maar nou wist ze. Nou wist ze...

XVI KAMERTJESPIJN

Gezellige Sinterklaas. Om twee uur kwam een érg goochem joodje, die dertig, zegge dertig gulden gaf voor de meubeltjes van de achterkamer, de tafel, zes stoelen, de sofa, het bed. Voor blijft Scherp wonen. Achter staan alleen nog wat boeken, de schrijftafel, snuisterijen. Goddank, de ring is betaald. Met de pakjes in mijn zakken en onder mijn arm sloop ik het portaal in, deed de voordeur open, moffelde vlug de boel in de kinder-bedstee. We aten vlug. En tóén de grote, heerlijke kinderpret. Netje met de zwarte glinsteroogjes, en het blonde haar, waardoor de ronde kam was getrokken, zat naast Kaatje. Nu ze bij elkaar sliepen moesten ze ook maar als zusjes behandeld worden.

‘Nou dag Kaatje, dag Netje,5 zei ik, en zette mijn hoed op, ‘ik ga uit, en als Sinterklaas komt, moetje voor mij ook wat vragen, hoor.5 ‘Zou die héüs komme,5 vroeg Ka, die niet had kunnen eten. Ze had een prachtkleurtje van opwinding.

‘Nou natuurlek,5 zei Netje, die twéé jaar ouder was en dikwijls overwijze dingen zei.

‘Nou-óü waarom gaat u dan weg, ome... as die nou slaat met de róé-óé.5 ‘Dat doet ie ommers niet, kind,5 suste Netje.

‘Welnee,5 zei Georgine, ‘ome Alfred heeft hem gesproke.5

232

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.