Kamertjeszonde

Titel
Kamertjeszonde

Jaar
1898

Druk
1970

Pagina's
392



het! Daar groeit het weer helemaal van an. - Nou, Trees was juist van plan d’r haar kort te gaan dragen, kort-gekruld. - Jessus, jessus, wat een plezier! Goed om een kou op je hersens te krijge. Scherp wou het niet. Een vrouw met korte haren, dat vond ie net zo idioot als een ouwe heer met een pruik. - Die Duif had wel een paardegebit om dié noten zó te kraken. - Lach zo es, Duif. - En dan lachte Duif met de noot tussen d’r kiezen en glinsterende spoegdraden van lip tot lip. - Als ze hem inslikte kon ze stikke. - Krak, daar ging die kapot. - Wanneer Trees Ophelia speelde ? - Die was d’r weer afgenomen. - Hamlet verdomde het om met haar te spelen. - Of dat zo maar ging? - Natuurlijk. - D’r waren zoveel Hamletten niet en voor Ophelia kwamen er wel vier in aanmerking. Wat Kees op z’n gezicht had gehad in de kranten. - Die giftpissers! Die galblaasjes! - De krantenkritiek da-was nou je verlopendste baantje - meende Dirk. Duif zei dat die lui er de klote van wisten. Zij had zo’n kerel gekend, die gewoon in de schouwburg zat te slapen en an haar vroeg hoe het geweest was. - Trees verhaalde van een die ’r es gevraagd had om es met ’r naar bed te gaan.- Daar zou Scherp ’m voor op zijn smoel slaan als ie hem zag. - Wat een flauwe kul: dan had je dagwerk. - Die smous van De Telegraaf was het ergst. Die schreef met zo’n minachting over alles, dat je kregel werd als je het las. - Da’s zo’n bleke jood, hé? - Ja, zo’n godverdommisse schreeuwer. - Nou maar die scharrelde tenminste niet. - Alsof je zo iets kon weten! - Dat zo’n vuile smous zo maar alles mocht schrijven en dat er nog lui zijn die hem gatlikken. - Nou, maar hij heeft toch wel es gelijk. - O, da’s Scherp weer! - Natuurlijk Scherp! - Duif, je vreet je een dubbel besloten koliek. - Kijk nou maar naar je eigen bord. -Of ze die mop al gehoord hadden, maar de vrouwen moesten niet luisteren, het was een vuile. - Hou hem dan maar voor je! - Guus wou hem wel horen. Nee an Guus wou Karel hem niet vertellen. An Duif dat ging nog. En hij fluisterde in d’r oor en d’r dikke kwalkonen rimpelden op en d’r oogjes kregen een lolglans. En dan stond ze op en fluisterde het over aan Guus met zachte proestlachjes en zei Guus: O-o! - O-o! wdt een gemene en proestte en zei nog es -O-o! wat een vuilé! en vertelde ’m weer zachjes an Dirk, die stilletjes lachte en dan achterover viel in zijn stoel en met Karel samen hardop schaterde. - Goed hé? - Hahaha - Hohoho! -En dan Trees die luisteren kwam bij Guus, met d’r arm om de hals van Guus en in aandacht naar beneden keek en gespannen luisterde en het ook uitgilde.,. Wat een geméne... Hé-jasses hoe vuil! - En dan Georgine ook bij Guus en nog eens het zachte fluisterverhaal en even glimlachen en een...: Is dat nou dlles ? Make jullie daar zo’n drukkie van ? Die heb ik al voor een halfjaar op de reis gehoord. - O maar jij! Jij ben zo door de wol

18 6

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.