Kamertjeszonde

Titel
Kamertjeszonde

Jaar
1898

Druk
1970

Pagina's
392



wen als je sief hebt, en als je het dik pathetisch vertelt grienen ze, de bur-gerjufEes, snótteren ze, de burgerjuffies. Maar in het gewone leven ste* nigt het bourgeoisrapalje een meid met een kind, alsof een dikke buik een natuurschande is, drijft zo’n stumper het water in, alsof eer féts te maken heeft met een dikke buik! - en de Tobietjes, de sief-Tobietjes met d’r teringachtige, rotte nakomelingen worden gezet in wierook van fatsoen, worden en blijven deftige, geziene mensen. Een mesthoop mijn christen- en jouw jodendom! Het christendom is alleen christelijk bij sentimentele dingen in boeken en op het toneel. In de werkelijkheid van dlle dag doen ze als ruwe stommelingen, verpesten het leven van anderen of geven Jezus-Christusparodieën enJezus-Christuskluchten in verenigingen van uitgepieterde huichelaars, of in tehuizen, waar ze met de bijbel sollen en een vrouw jaren en jaren voorleuteren dat ze gevallen is. Godverdomme! Wdt is een gevallen vrouw? Spreken ze ooit van een gevallen man? Is een vrouw gevallen omdat zij het zaad ontvangt, dat een man haar geeft ? Is een dikke buik een oneerlijk óf een gemeen óf een leugenachtig iets ? Als een man dan raak mag naaien, als ie het maar stiekem doet en niet te veel aanstoot geeft - tel ze op de vingers van je hand, de kuise jongelingen die d’r maagdom meebrengen in het hu-welijksnest! - is een vrouw dan gevallen, omdat ze een foetus heeft, zonder fooien op het stadhuis te hebben gegeven. An jouw neef Tobie is niks bijzonders. Da’s een monster datje trekt uit een partij stront! De hele boel is rot, rot van a tot z, rot door een alles verpestende, door rótte toestanden verkankerde moraal. De natuur is prachtig. De natuur geeft het kind door de eicel van de moeder, door de spermatozoïde van de vader. Maar ze kijken niet meer naar luchten van violet, ze horen niet meer het lied van de blaren, ze maken moraal, lullen over Tolstoi en kopen kapotjes. Ze jagen de vrouwen op, die een ongereglementeerde dikke buik hebben, de honden, de godvrezenden! Was Abram, die zijn vrouw Sara met Farao liet slapen en uit Egypte trok met een schat schapen, runderen, ezelen, knechten, kamelen geen wijs bourgeois ? Is Sara die Hagar bij d’r lieve Bram in het bed stopt een hoerenwaardin, om het plit te zeggen ? Is jouw tante geen moderne Sara als ze de dienstmeid die zwanger is van haar zoon met de politie het huis uitzet? En de zwangere dochters van Lot ? In vroeger tijden zei jullie god (er zijn sóórten godjes, beste jongen!): ‘Zie naar de hemel en tel de sterren, zo gij ze tellen kunt - zo zal uw zaad zijn.’ Tegenwoordig zou je iemand zo iets moeten beloven! Nee, stel je es even voor! Tegenwoordig stoppen ‘ongetrouwde’ meiden d’r... schdnde... in een privaat of verzuipen zich, terwijl de verleidende Abraham zich rangeert! - ik rangeer me nooit. Ik crepeer wild!’ In ouwe woede

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.