van angst en verschrikking. De politie had dan ook niet altijd een even gemakkelijke taak om de orde te handhaven. Wij hebben een kijkje in de verbrande perceelen genomen. Uit het achterraam van het perceel naast de poort, dat ook zwaar heeft geleden, maar waarvan de trappen onbeschadigd zijn gebleven, ziet men een uitgebrande doolhof van smalle gangen, kamertjes en hokjes; overal verkoolde wanden; allerwege zwart gebrande houtspaanders en men vraagt zich verwonderd af, hoe er niet meer onheilen bij dezen brand zijn voorgevallen. De brand is ontstaan gelijkvloers bij de weduwe Reggie Prins, vermoedelijk door het springen van een petroleumlamp, die de laatst-thuis-gekomen bewoner Dovid Prins waarschijnlijk verzuimd heeft uit te blazen. Zekere Eleazar, naar men zegt een neef van de weduwe Reggie Prins, bemerkte gelijktijdig met een politie-agent dat er brand was. Hij smaakte de voldoening met levensgevaar zijn tante die reeds bewusteloos was uit de vlammen te redden, niet zonder zelf brandwonden op te loopon. Beiden worden thans in het Israëlitisch gasthuis verpleegd en bevinden zich geheel buiten levensgevaar. Vooral de tante die blind is, is naar omstandigheden redelijk wel. Ook de zwager Dovid Prins, die alleen door rook bevangen was, werd naar het gasthuis vervoerd, doch hij heeft dit waarschijnlijk reeds weder verlaten. Het mocht evenwel niet gelukken een jongetje en een meisje uit de alkoof beneden te redden. De verkoolde lijkjes werden onder de puinhoopen gevonden. Bij de poging tot redding kregen nog verscheiden personen lichte kwetsuren. Op de eerste étage vond de brandweer het lijk van een handelaar in cigaretten, Rus van afkomst. Zijn zoon wist zich over de daken te redden. Op de tweede étage wachtte een afschuwelijk schouwspel. Hangend in een raamkozijn vond men het verkoolde lijk van een jonge vrouw, dochter van den sigaretten-handelaar. En in het bovenste trapportaal, waarschijnlijk be-