Diamantstad

Titel
Diamantstad

Jaar
1922

Overig
3ed

Pagina's
268



’t onherkenbaar beenig hoofd met de bleek-bewegende haren in den purpergloed der vlammen. In de alkoof was-ie gestruikeld, had-ie getrapt op een van ?r afhangende handen — getrapt — getrapt, ’t Wreede gevoel van z’n hak, die de oude hand kneusde, gaf ’m ’n weeë duizeling. Die hand zag-ie, werd-ie niet kwijt, zag-ie zooals-ie 7r kende, met de dunne kootjes en bolblauwende aêren. Over die hand, die den deurpost was langs geglejen toen ze in verwijtende ontrusting de mezoesos zocht, was-ie gestruikeld. Dat most ’r pijn hebben gedaan, in ’r bewusteloosheid. Meer wist-ie niet. Reggie kon-ie voor zich halen. Reggie met ’r zilverwit haar — èn de bloeddronken poort — èn ’t parelmoeren gekwijn van de visch-schubjes op ’t dansend kozijn. Meer niet. Dan dacht-ie, dacht-ie met wijd-starende pupillen an Poddy — of die bijtijds was gered — of de kinderen ... De trap was vrij geweest. Suikerpeer en Essie had-ie, ja, diè liad-ie op de plaats gehoord. Mijntje’s gillend gekrijseh had ’m wakker geslagen, toen-ie machteloos stond. Nee, ’r konden geen ongelukken zijn gebeurd. Als-ie bij Poddy was ingeslapen, zooals-ie met haar had afgesproken, zou ’r 'n ramp zijn gebeurd, ’n ontzettende ramp. Rebecca en Joozep en de kinderen waren zeker bij buren opgenomen — en als straks de nachtzuster de ronde dee, zou-ie ’r vragen of Poddy ook in 7t gasthuis was gebracht. Te moe en te uitgeput om lang te murmureeren, zich overgevend aan de rust van de ziekenzaal, blij dat-ie lag in de warme beslotenheid van 't bed, dat ’m verkneuterde als ?n lieve koestering na de loodzware wanhoopsmoeheid, dacht-ie nog even verdrietig aan de dingen van z’n kamer, de paperasen en ouwe brochures, waarvan-ie zoo innig had gehouden, die nou wel weg zouden zijn, als de brand zóóver had gewoekerd. Goddank — as 't bed was verbrand, ’t bed waarin-ie nooit meer had kunnen slapen, nou zij ’r in had gelegen, zij met ?r jammer-gedaehten.

De oogen sluitend voor 't getemperd licht der zaal dat ’m hinderde, zag-ie zonder verdriet, zonder wrevel,







262

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.