op reis moest — kwebbelde tante Toni met juffrouw Treibitz en de meisjes kwaad over zóó’n harteloozen kwajongen, die bi| *n sterfbed nog niet de vormen in acht wist te nemen, die enkel 'n telegram stuurde dat-ie voor zaken in Berlijn bleef — voor zaken! — voor zaken! — en haar met de maatregelen van de begrafenis opscheepte...
Om vier uur aten Erich en Betty samen in ’n klein Wein-restaurant met ’n flesch witte wijn en twee flesschen „Schaum-wein” — om half zes, terwijl ’t buiten na 'n kort onweer stortregende, bestelden ze 'n kamer in 't Hotel DieTaube, waar ze dien nacht bleven—zij, waanzinnig-gelukkig— hij, half-dronken.
In ’t vreemdelingenboek, onder den invloed van den wijn, schreef-ie bot lachend Erich Schüler und Gattin.
IX.
Lotte had eens zoo zware wallen onder de oogen — Laurie kon 'r trillende vingers niet stil houden. Dagen en dagen waren ze met inkoopen en pakken bezig geweest, eerst alles in de mand-met-hangslot, die in geen jaren van de „Hängeboden” was genomen en waarvan de vermolmde bodem na 'n te stevige zeep-sopbeurt in 't keukentje bezweek — toen wéér alles in 'n ge-leenden koffer met één hengsel van Palou — en omdat die voor de bagage van twee vrouwen, die zulk 'n reis, ja misschien zulk 'n tournée — wie kon *t voorspellen? — gingen ondernemen, veel te petieterig en te ondiep was, kwam ’r na 'n paar uur tobben 'n versleten valies, dat Mizzi zoo welwillend was af te staan, omdat ze toch geen sleutel van 't slot meer had, en omdat ze de twee riemen voor ’n door den alimenten-luitenant van ’r dochter Alice geschonken fox-terrier had versneden. Maar ook dat valies, hoezeer ’t ’n buik kon opzetten voor twaalf van alles, bleek niet voldoende. De helft van de toilet-dingen, zoo handig mogelijk in doozen gestopt, lei op de tafel op 'n behoorlijk onderdak te wachten.
Toen hakte Laurie met n voor de omstandigheden passend breed gebaar, den knoop door. Ze verkocht 't eenig statie-meubelstuk van de kamer: de piano, destijds zesde-hands op afbetaling voor twee honderd vijftig Mark ’t huis binnengedragen. Na loven en bieden met achtereenvolgens drie opkoopers, die 'n meer dan schandelijk bod deden, zei ze teleurgesteld ja op
236