Duczika

Titel
Duczika

Jaar
1912

Druk
1926

Overig
4ed

Pagina's
315



Tom’s Hütte of naar Treptow — waar dan ook, maar in ’t groen, niet tusschen de verstikkende huizen, te trekken. Hij wou, hoe dan ook, met ’r alleen zijn, ’r alles vertellen, ’r raad vragen, ’r uiteenzetten precies en duidelijk, zooals-ie ’t zich nu schel en sterk herinnerde, wat ’r gebeurd was, met welk recht ie ’t gedrocht te lijf was gegaan, dat-ie ’t niet bedoeld had den kerel, waaraan niets verbeurd was, zoo toe te takelen — ’r voor ’t laatst op den mond kussen — den avond, den nacht — in ’t groen — en zich dan toch, toch — je ontkwam ’r niet aan

— bij de politie, die al gewaarschuwd moest zijn, die ’m misschien zocht, aangeven.

’t Was zulk n helder, wils-zeker besluit, dat-ie den portier, die in de vestibule van ’t „Vorderhaus” de loopers schuierde, en die de deur niet vlug genoeg opentrok, ’n korzeligen uitbrander gaf en de trap van 't „Gartenhaus” zoo kwiek besteeg, of-ie gewacht werd. Maar, drie-hoog, uitwijkend voor de Italiaansche muzikanten, die zich voor n matinee op ’t pad begaven, stond-ie met n vloedgolf van aarzelen, niet-künnen stil ’t Zweet brak ’m uit. Hij was gek. Hij dee ontoerekenbaar. Hij bewoog in ’n delirium. *t Was om ’t uit te gillen, dat z’n linkerhand de bus sardines nog in de broeiende lauwte van den broekzak omklemde, dat-ie haar die wou geven... Z’n hersens leken tegen z'n oogballen te drukken, z’n vingers brandden, deeën pijn. Alleen ’n volslagen krankzinnige kon op den inval komen, de kamer met Laurie, Lotte en haar — zoo kort na de daad — binnen te stappen... Daar was geen houding bij aan te nemen... ’t Was niet te doen... Met geen knoet dreven ze ’m over den drempel

— in 't bereik van de twee omkringde, bruine oogen... Vanavond, vannacht, als-ie zich eerst in steenkoud water gebaad had, drie, vier, vijfmaal — niets van de gore hette van den zolder meer aan 'm kleefde — vanavond, vannacht, als-ie dorst, als ’t minder vervloekt-warm, minder om in mekaar te zakken was — als ze 'm niet met d'r verwonderingsvragen wat-ie zoo vroeg, op zoo'n ongewoon uur kwam doen, zouen bestormen — als-ie z’n lust om te grienen onder de knie had — en 'n schoon boord aan had getrokken — en de trage last van z’n lichaam kwijt was — kon-ie ’t probeeren — probeerde-ie ’t stellig...

Den zakdoek over wangen, hoofd, haren, nek wrijvend, treu-zelde-ie de trap terug, suffig naar 't spelen van de piano — Lotte begon te studeeren — luisterend. Voor den kaal-koppigen portier nam-ie verlegen z’n hoed af, en opnieuw in de gloeihitte

206

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.