was onder z n slaapkamer, bij warm weer 'n pest! — stak zn kalen kop door 't luikje.
„Wat is 'r?... Wie schreeuwt ’r zoo?”, vroeg-ie knorrig. „Niemendal!0, lachte de vischhandelaar: „de juffrouw wou me met geweld omhelzen, hahaha!”
„Dat zul je merken!”, zei Duczika nijdig: ,/k ga dadelijk naar den huisheer!”
„Nou, nou!”, sprak de portier: „as *t gedaan is!... Wat weerlicht, 't is hier geen duiventil!”
Dat laatste hoorde Duczi al niet meer. Bij treden gelijk liep ze de trap van 't zijgebouw op, en terwijl ze in de keuken de koffie opgoot en de halve citroenen tusschen 'r tanden perste, bedacht ze met wrok dat de huisheer precies de laatste was, om zich bij te beklagen.
Laurie bracht zelf de limonade op 't met nog ’n servet met de dikke, roode initialen L. Z. belegde, en daardoor zeer toonbare presenteerblaadje, binnen. Duczi de koffie.
,/r Zou”, zette de direkteur de onderhandelingen in — en met beschaafde slokjes dronk-ie van 't glas: ,/r zou van uw twéé dochters n buitengewoon nummer te maken zijn...”
„Van m’n twéé”, zei Laurie verwonderd en 'n tikje teleurgesteld: „van nTn twéé...?”
„Ik dacht zoo”, fantaseerde de Rus: „dat ’t iets bijzonders, iets ongewoons, *n bepaalde sensatie zou worden, als uw dochter Lotte danste, en uw dochter — hoe heet de juffrouw...?” „Duczika...”
„En uw dochter Duczika — bijvoorbeeld — bijvoorbeeld in travesti op de piano begeleidde... Is dat geen inval?... Is 't geen idee, Palou? De eene zuster in balkostuum — de ander als heer
— frac — witte das — of, of in tricot... Ja, daar lacht u om — dat vindt u misschien onmogelijk, ’t zou 'n hoogst-chic, hoogst-modern, hoogst-gedistingeerd nummer worden... Geen orkestmuziek, geen al honderdmaal gezien ballet-entree — iets aparts
— charmants...”
„God, daar hebben we nooit an gedacht”, zei Laurie, niet dadelijk nee zeggend, omdat Palou, in wien ze ’n onbegrensd vertrouwen had, met stellige oogen ja knikte.
Maar Duczika, geëmbêteerd door 't taxeerend fixeeren van den ouden heer, die geen oog van *r heupen en beenen afhield, snee met beslistheid *t tafelkleed door.
„Denk 'r niet an!... Laurie begin geen nonsens!... ’r Gebeurt
121