Droomkoninkje

Titel
Droomkoninkje

Jaar
1924

Druk
1983

Overig
9ed 1983

Pagina's
258



en de zonnige, zwarte weg naar de mijn mee op.

‘Waar loop Koert Heen?’ vroeg moeder, die met de twee kinderen in haar armen van boven kwam. ‘Hadden jullie wat?’

‘Je heb zijn malle streken op het dak gezien,’ snauwde Toos. ‘Wat vraag je dan na de bekende weg! Er is met die man geen land te bezeilen. Die lijdt an grootheidswaan. Je ken de grammefoon van Gerrit niet laten draaien of Cees van hierover gaat op zijn achterste zitten huilen. Als we nou nog zo’n machien op het dak erbij nemen, komt het hele dorp op zijn achterste naast de hond. En ik zou maar es uitkijken na een eigen woning, Riek, want dat wordt op de duur niks met een halvegare...’

‘Nou, nou,’ trachtte Riek te sussen, vervelend als die uitvallen waren, met nog zo’n alles afluisterend en begrijpend kind erbij.

‘As hij dan geen halvegare is, is het een helegare!’ vulde Toos verwoed aan. ‘Zo haal ik jullie uit de zorg, zo brengt hij je er weer in...’

‘Ik vin jou niks lief,’ klonk nu de stem van het kereltje, dat tante met vijandige ogen had zitten aankijken. ‘Je mag niet zo brutaal zijn tegen mijn moeder en tegen mijn vader.’

‘Hou jij je mond, aap van een jongen! As grote mensen spreken, motten kinderen hun mond houwen.’

Maar het kind werd opstandig.

‘Laat haar klessen, grote zuster,’ zei hij, zich aan de tranen van moeder, die zich alles Het zeggen, ergerend, en de armen om de hals van de jonge vrouw, in aanhankelijkste vertroeteling heenslaand, troostte hij, de tante stijf negerend, op zijn manier. ‘Wees jij de wijste en geef haar geen asem. Ze heb altijd zo’n praats en ze meent er niks van.’

Ongelijk had hij niet. Want haast geen tien tellen later, probeerde de robuuste vrouw het weer goed te maken, kookte ze de fopspeen voor de zuigeling uit, stopte ze Riek, die telkens de weg afkeek, omdat ze niet begreep waar haar mem zo ineens was heengehold, een kopje koffie met al de room-veHetjes van de melk toe, en zei dingen die alleen het meisje in haar ziel, het door de lompe levensbranding gehavende meisje, zo en niet anders kon prakkizeren. Moeder, die het meer dan vreselijk vond, dat Toos zich in haar drift had laten gaan, en er verwijten had uitgeflapt, die je pijn deden

220

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.