Droomkoninkje

Titel
Droomkoninkje

Jaar
1924

Druk
1983

Overig
9ed 1983

Pagina's
258



as je vrouw je het eten met lorries blijft voeren! Dag Krekel! Ja, dat is me zoon. Heb de ooievaar me vannacht gebracht met kleren en al! Dag Kurketrekker! Je verliest een wiel van je fiets!’

En dan kletterde zijn lach over de weg, die hoe langer hoe voller werd, of er een optocht most beginnen.

‘Zie je hem nog niet?’ vroeg moeder, die ze eindelijk in had gehaald, en die haar lippen bebeet van niet in het gareel te houden zenuwen.

‘Riek, je ben bij God niet wijs,’ bleef Ko lachen. ‘Ben je bang dat hij in zeven sloten tegelijk stapt? Over een of twee dagen loop je niet eens meer met je kinderen uit. Er gebeurt hier minder dan bij jullie op straat. Dag Hannes, dag ouwe boef! Dag rooie! Ja, dat benne mijn kinderen! Be-joer! Dag Macaroni! Dat is een Italiaan, die met een hol-landse vrouw getrouwd is. Nou spreekt zij Italiaans en hij Hollands en ze verstaan mekaar zo weinig dat ze van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat as hij niet onder de grond is, elkander de italiaanse en hollandse haren uittrekken.’

‘Ik wor zo vreselijk moe van het staan,’ zei moeder. ‘En ik voel me zo duizelig. Zou u — zou jij het kindje één ogenblik-kie willen vasthouen?’

Ze had zenuwtrekkingen op haar gelaat en haar ogen deden zo flets, dat de jonge mijnwerker vanzelf de zuigeling greep. Het scheelde geen haar of moeder raakte van haar stokje. Ze bleef tegen een boomstronk staan hijgen en gelukkig zakte ze niet in elkaar, want het zou anders een oploop van belang hebben gegeven.

‘Verroest!’ sprak Ko beduusd. Het was voor het eerst in zijn leven, dat hij met zijn brutale mond geen raad wist. Met een jongen op zijn schouder en een natte zuigeling in zijn linkerarm stond hij voor merakel. En toen de komiek van de rederijkerskamer voorbij kwam en enkel een gezicht met een tussen zijn oren wijdgespleten mond trok, kreeg hij ineens zo’n wilde lachbui, dat hij erbij moest hurken, om zelf niet tegen de vlakte te slaan. Dat kwiekte moeder weer op, en ze werd helemaal mens toen ze vader in de smiezen kreeg. Midden op de weg werd het een gezoen en een gepak, of hij uit de Oost kwam. Omdat vader zag, dat moeder overstuur was geraakt, nam hij Magda-leentje, en het ventje bleef op de schouder van Ko.

195

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.