Droomkoninkje

Titel
Droomkoninkje

Jaar
1924

Druk
1983

Overig
9ed 1983

Pagina's
258



pas weer, toen ze in Eindhoven stilhielden, omdat vader een boterham uit moeders tas zat te bikken en er kruimpjes op zijn gezicht vielen.

‘Goeiemorgen, grote broer,’ zei hij nog slaapdronken. Daar moest hij zelf om lachen. En toen keek hij zijn ogen uit. In de grauwe, logbruine lucht, door grimmige koppen geploegd, statigde een sprookjespaleis, nog hoger haast dan de wolken, en er waren een lichtjes in, een lampjes, een brandende sterren, of er een poort van de hemel bij vergissing openstond en je de kamertjes van de engelen binnenkeek. ‘O, zie je dat moeder? Zie je dat, vader?’ fluisterde hij, om de mensen, die achterover lagen te slapen, niet wakker te maken. ‘Zie je dat? Daar woont de betoverde prinses.’ ‘Misschien wel,’ glimlachte moeder, hem niet storend in zijn kinderfantasie. Uitgerust, de lange reis zalig vindend, at hij nu ook zijn boterham met worst, het velletje om zijn vinger windend. Vader had de futloos-wiegende ballon aan de noodrem vastgehaakt, en de kanarie, zeeziek door het gedreun en geschok, nu hij in het bagagerek zat, omdat het kereltje zijn plaats had ingenomen, was in het bibberend zand aan het verstoppertje spelen.

‘Heb je nog pijn aan je voetje?’ vroeg moeder, het om-zwachteld pootje met haar ene hand strelend.

‘Ik kan weer best lopen,’ pochte hij, en zijn schade inhalend, ratelde hij aan een stuk, dan weer door haar raampje neuzend - néuzen was het: als je je kokker tegen het glas duwde, werd hij zo plat en zo wit, of je er al het bloed met een citroenpers had uitgeknepen - dan weer zijn opmerkingen over wat hij buiten zag, of over de medereizigers makend: ‘Ik wou, dat die trein nooit ophield. Hij mag voor mijn het hele jaar doorrijjen, wat vader? Je zou best van het huisje hiernaast, waar we geweest zijn, een keukentje kennen maken, met een petroliestel, watte? En as je dan maar genoeg aarpels en brood en spek en voor ’s zondags een stukkie lenden had meegenomen, konden we blijven zitten tot in Amerika. Verdorie, het bliksemt nóg! Zag je dat? Al de koeien gaan voor de rook van de lokomotief an de haal! Stommerds! Alsof de lokomotief ze over de hekkies en het gras na zal lopen. Moeder, die koe had een rooie letter op zijn bibs. Hè! Hè! Daar leit een hengst met zijn vier poten in de lucht te grabbelen. Zeker vlooien op zijn rug, die hij

175

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.