Droomkoninkje

Titel
Droomkoninkje

Jaar
1924

Druk
1983

Overig
9ed 1983

Pagina's
258



hij het couvert open, draaide een niet beschreven velletje papier heen en weer en was net van plan de envelop in de kist, waar hij op zat, te smijten, toen hij er met een gezicht, paf van verbluffing, een briefje van honderd gulden uithaalde.

‘Wat is dat?’ zei hij, de banknoot tegen het licht houdend, omdat hij eerst aan een reklamegrap dacht. Je hoefde er niet aan te twijfelen - het waren honderd gulden.

‘Verkeerd bezorgd,’ zei moeder, ongerust - en vader bekeek het blanco velletje postpapier opnieuw, toen de enveloppe, waarop met volkomen duidelijke letters zijn naam, zijn voornaam, zijn adres - met de schrijfmachine getikt -stonden.

‘Dat is niet in de haak,’ zon de electriciën. ‘Ik mot van niemand wat hebben en ze stoppen het zomaar, zonder er iets bij te zeggen, in de bus - wat ken dat wezen? - daar vlieg ik niet op in.’

‘Angstig,’ zei moeder.

‘Dat is van Sinterklaas,’ knikte de jongen.

‘Het is een uitkomst van onze lieve Heer,' praatte moeder, ‘dan kommen we er op onze sloffen — dein ken jij je remontoir nog uit de lommerd halen voor we weggaan - en Toos dadelijk haar veertig gulden terugkrijgen en we hoeven ons daar niet in de schuld te steken...’

‘Ik vlieg er niet in,’ herhaalde de man stug. ‘As dat niet in verband staat met de historie van de overzij, laat ik me villen. Ik begin met. er werk van te maken. Daar mot geen gras over groeien. As zij bij ons, terwijl we de ouwe boel ver-sjaggeren om schoonschip te maken, honderd gulden in de bus steken, dan wil iemand me aandeel in iets geven, dat me niet toekomt, of ze willen me omkopen. Ik heb er genoeg van gelust. Ik pas! Zal ik de jongen meenemen. Morgen mot hij toch an de lucht wennen.’

‘Dat is goed,’ zei moeder.

‘Nou heb jij van een ongelukshuis gesproken,’ zei de man bedrukt. ‘Zo zijn we aan het verkassen of de gebrajen duifies vliegen na binnen.’

Dat was zo zalig op vaders sterke arm in het zonnetje, al werd je er in het begin een beetje raar van in je hoofd. ‘Jongen, jongen,’ hijgde vader in de warmte; ‘wat ben jij an-gekommen in bed! Minstens tien pond zwaarder.’

161

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.