Joep's wonderlijke avonturen

Titel
Joep's wonderlijke avonturen

Jaar
1908

Druk
1934

Overig
2ed

Pagina's
235



Dan vroeg ze ’m ongerust: — Wat ben je stil, Joep?.... Scheelt ’r iets aan, Joep?.... En bij z’n ontkennen, werd ze ook even, heel even — lang kon ’t vandaag niet! — onrustig, omdat-ie niets op ’r gelaat zag, niets van de ontroering las....

In ’t gedamp, ’t transparant geel, waarin ze zich ’n ander mensch voelde, had ze geen dadelijke herinnering aan de vrees van den vorigen avond....

Op weg naar de kerk — naar de kerk móést ze — nooit had ze ’n Zondag verzuimd — werd ze aan z’n arm zoo stil, zoo beverig bang of iets vreeselijks naderde.

Ze vergat den zonnigen nevel, den goudglanzenden mist die ’r pas ’n zaligheid was geweest, bij ’t struiklend, onvaste gestap van ’r leidsman — bij ’t telkens waarschuwend spreken van Johan, die naast Joep

ging-

— Pas op de stoep zuster, — zei de stem van den lakei of-ie tot haar sprak, of Joep niet voor ’m bestond — of: ho, zuster — wachten tot ’t rijtuig voorbij is — of:.... meer rechts houden, zuster....

— Waarom zeg jij niets?, had ze een keer

222

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.