Joep's wonderlijke avonturen

Titel
Joep's wonderlijke avonturen

Jaar
1908

Druk
1934

Overig
2ed

Pagina's
235



heid, de laagheid, ’t onmannelijke — van twee oogen ’t licht en de vreugde in zich te hóuden — van twee oogen, die haar met de geboorte waren gegeven, profijt — profijt: hoe plat klonk ’t woord! — te trekken — liet-ie die vróuw, die vróuw — de eerste vróuw, die-ie bij z’n gejaag naar vrouwen gevonden had, zonder ’r te willen vinden — aan ’r lot in ’r kamer over.

Als ’k weer blind zou worden, dacht-ie, de oogen sluitend en stevig de handen op wat van haar was — weet ’k zoo heerlijk-nauw-keurig hoe ze ’r uitziet, hoe ’r lippen, die me niet hebben willen kussen, zijn — hoe ’r neus is — hoe ’r lach, hoe ’r haar.... En ’k wil, ’k zal ze niet houen — ’k heb niet één recht op zoo’n goden-geschenk....

Op z’n teenen sloop-ie naar ’r kamer, luisterde, ’t oor tegen ’t sleutelgat.... Misschien ligt ze in ’t donker te huilen, redeneerde-ie

— misschien is ze zoo diep, zoo waanzinnig-ongelukkig als ik ’t was....

En zich niet kunnend bedwingen, riep-ie zacht, dol-triestig, vol teederst verlangen ’r stèm ten minste te hooren:

— Loek!.... Loek!.... Slaap je, Loek?

— Nee — ’k slaap niet, antwoordde ze dadelijk.

r79

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.