Joep's wonderlijke avonturen

Titel
Joep's wonderlijke avonturen

Jaar
1908

Druk
1934

Overig
2ed

Pagina's
235



kweld werd — weer ’t ouwe, nooit geweten geluk terug had gekregen....

— Ik zal dezen keer uw wenken onvoorwaardelijk in acht nemen, professor, zei-ie, den man nu voor ’t allereerst, als mènsch ziend — den kop met de rooie haren, den verwilderden baard, de tweesoortige oogen —: ’k zal zóó trachten te leven, zoo met in-achtneming van alles, dat me geen accidenten meer gebeuren....

— Uitstekend, zei de ander droogjes: want ik heb je ’t allerkostbaarste, ’t met geen miljoenen te bereiken, in je oogkassen gezet — en niet van ’n dier....

— Niet van ’n dier?

— Nee — vriend.

— Ach kom, lachte Joep: ’k zie toch met die uitnemende oogen, dat ’t geen künst-oogen zijn!

— Dat zijn ze ook niet — ze zijn van ’n mènsch....

—Van ’n mensch, zei Joep, met ’n schrik

die z’n hart stil deed staan:  van ’n

mensch....?

— Mensch — homo sapiens, vertaalde de Prof: derhalve heb ’k me daarstraks met de bewering dat ze niét van ’n dier waren eenigszins vergist....

152

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.